Hoe het niet moet: de Stopera te Amsterdam

Geen bouwproject heeft zo veel stof doen opwaaien als het gebouw dat uiteindelijk zowel het Amsterdamse stadhuis als de opera zou huisvestten: combinatiegebouw ‘Stopera’ (1986) van architecten Wilhelm Holzbauer (1930) en Cees Dam (1932). Dit heeft meerdere oorzaken. Ten eerste was er het gemeentelijk geklungel met een slecht georganiseerde ontwerpprijsvraag voor een nieuw stadhuis, met de daaropvolgende vertraging vanwege ontoereikende budgetten. Daarnaast was er het oplaaiende amok van de anti-establismentbeweging in de jaren ’60 en ’70, die in de plannen voor het stadhuis een welkom mikpunt van regenteske arrogantie zag.

Toen het stadhuisproject ten slotte alleen doorgang kon vinden wanneer het werd gecombineerd met de opera, volgde een periode van gerommel tussen de twee betrokken architecten Holzbauer (van het stadhuis) en Dam (van de opera). Eerst over de afstemming van de twee gebouwdelen op elkaar en daarna zelfs over het vermeend auteursrecht. Dat de Stopera onderdeel is van deze serie, is eigenlijk omdat het zo goed toont hoe het niet moet…

CIMG6968 IMG_1790

De begindatum van het stadhuisproject kan eigenlijk worden gesteld op 1808, toen de Fransman Lodewijk  Napoleon het 17e eeuwse stadhuis op de Dam opeiste. Het gemeentebestuur week noodgedwongen uit naar het Prinsenhof aan de Oudezijds Voorburgwal. Omdat het na het vertrek van de Fransen aan geld ontbrak om het gebouw opnieuw als stadhuis in gebruik te nemen, bleef het een paleis, nu voor de Oranjes. Ten slotte zag het stadsbestuur van het gebouw af en richtte zich op de realisatie van een nieuw stadhuis. Na een eerder mislukte prijsvraag werd in 1967 een internationale ontwerpprijsvraag uitgeschreven, die in 1968 een winnaar opleverde. En toen begon de ellende…

Al bij het uitschrijven van de prijsvraag kon men vermoeden dat het mis zou lopen. De gemeente organiseerde een open ideeënprijsvraag, waarna in een tweede ronde een selectie architecten hun plannen nader mocht uitwerken. Dat de keuze voor deze constructie was geboren uit gemeentelijke ideeënarmoede bleek uit de vaag omschreven opdracht die ontwerpers werd meegegeven.

Een en ander leidde ertoe dat de jury vanwege het ontbreken van duidelijke criteria waaraan een ontwerp moest voldoen slechts met grote moeite een keuze maken uit de 803 (!) inzendingen. Geen wonder dat niemand zich uiteindelijk achter het juryoordeel en de winnaar durfde te scharen. Toen de Weense architect Wilhelm Holzbauer in 1968 hoorde dat hij de prijsvraag had gewonnen, prompt naar Amsterdam verhuisde en Nederlands leerde spreken, had hij niet kunnen vermoeden in wat voor een maalstroom hij terecht zou komen.

Niet geheel toevallig viel de problematisch verlopen stadhuisprijsvraag samen met het uitbreken van een heuse volksopstand tegen het establishment. Gedurende de jaren ’60 was de maatschappij sterk op drift geraakt waarbij klassieke verhoudingen tussen volk en gezag begonnen te verschuiven. Juist het stadhuis, als uitdrukking van hoe het stadsbestuur zich to het volk verhoudt, zou als ontwerp sterk onder discussie komen te staan. Is het stadhuis van het volk, of van het bestuur? Is het gebaseerd op de schaal van een individuele bezoeker of van het ambtelijk apparaat? –De pech van Amsterdam is dat de jury juist in de tijd van bottom-up en anti-establishment voor het laatste had gekozen. Holzbauers stadhuis was een grootschalig gebouw, waarin twee forse kantoorvleugels een grote stadshal en een prominente Raadzaal omhulden. Het bleek precies het verkeerde ontwerp in het heersende politieke klimaat.

CIMG0898 IMG_1795

Aldus ontstonden massieve protesten tegen het project. Op straat, in de media én in de Amsterdamse Raad. Nooit was architectuur zo sterk gepolitiseerd als  tijdens de decenniumwisseling van de sixties naar de seventies. De situatie doet denken aan het fameuze boek ‘the Fountainhead’ van Ayn Rand, waarin architecten als protagonisten van een allesomvattende maatschappijvisie worden behandeld en hun gebouwen daar uitdrukking van zijn. Alsof je heden ten dage PVV-architectuur van PVDA-architectuur zou kunnen onderscheiden. Het moet een adembenemend tijdperk zijn geweest…

Ondanks alle inspanningen van Holzbauer, verzandde het project in gesteggel over budgetten en prioriteiten. Pas in 1979 wist hij de doorbraak te bereiken. Op een voorjaarsavond wandelde hij over de Blauwbrug, overzag het deels gesloopte terrein waarop ooit het stadhuis zou moeten verrijzen, en besloot dat het nooit zou lukken om het stadhuis alléén te realiseren. Wat als het gebouw zou worden gecombineerd met een nieuw muziektheater, een functie waarvoor óók al lange tijd een geschikt gebouw werd gezocht?

– Beide gebouwen zouden elkaars installaties, foyerruimte en parkeergarage kunnen delen. Behalve dat dit kostenbesparend was, zou het stadhuis een nog openbaarder karakter krijgen dan het al had. Holzbauer wist burgemeester Polak en wethouder Schäefer met zijn idee te enthousiasmeren, die vervolgens de bestuurlijke daadkracht toonden die alle voorgaande betrokken burgemeesters en wethouders had ontbroken. De ‘Stopera’ was geboren.

Complicerende factor was dat Holzbauer vanaf dat moment met de architecten van het muziektheater diende samen te werken. Dit waren in eerste instantie de op leeftijd zijnde Bijvoet (90 jaar) en Holt (75 jaar), maar na het overlijden van de eerste werd bij testament diens positie overgedaan aan Cees Dam, schoonzoon van Holt. De combinatie Holzbauer-Dam bleek ongelukkig. Beide architecten met totaal verschillende culturele achtergrond, wisten slechts met moeite de twee reeds bestaande ontwerpen met elkaar te combineren.

IMG_1791 IMG_1784

Na lang gesteggel offerde Holzbauer zijn grote publiekshal voor de theaterzaal en bleef de publieke ruimte beperkt tot een overdekte straat tussen zijn L-vormige kantoorschijf langs het Waterlooplein en  het theater. Het muziektheater kreeg een prachtig gesitueerde foyer met uitzicht over de Amstel, maar keerde zich hiermee juist af van de omringende straten en pleinen, wat het juist weer versterkte in het elitaire karakter. Het stadhuis en muziektheater werden als een Siamese tweeling die nèt op een verkeerde plek met elkaar zijn vergroeid.

IMG_1778 CIMG0908 IMG_1787

Terugkijkend op de hele bouwgeschiedenis, kan gemakkelijk worden aangewezen wat er misging. Ten eerste was er het dominante 17e eeuwse stadhuis op de Dam, wat Amsterdammers tot ver in de jaren ’80 opnieuw dachten te kunnen betrekken. Daarna was er de ontwerpprijsvraag, precies op het moment dat de relatie tussen overheid en burgerij op drift was geraakt. Vervolgens werd het hele project vermalen in budgetonderhandelingen. Ten slotte was er het noodverband met het muziektheater, waarbij twee bestaande ontwerpen slechts met moeite in elkaar werden gepast. Ja, van de hele ‘Stopera’ geschiedenis is heel wat te leren….

Pepijn Bakker, maart 2013

Volg hier de tweewekelijkse update van dit blog op twitter.

Klik hier voor een speciaal dossier over de Stopera op de website van ‘Het Nieuwe Instituut’ (voorheen: NAi)

Klik hier voor meer projecten uit de jaren ’80, hier voor meer projecten in Amsterdam en hier voor meer overheidsgebouwen..

—————————————-

Volgende keer staat het Rietveld Schröderhuis van architect Gerrit Rietveld (1888 -1964) en opdrachtgeefster Truus Schröder (1889 – 1985) centraal. De ware kunst is misschien niet dat Gerrit Rietveld dit ooit heeft kunnen bedenken, maar dat Truus Schröder het vervolgens tot haar dood heeft kunnen bewonen. Wie is de ware kunstenaar?

Tot volgende week!

—————————————-

Pepijn Bakker (1981) is regiocoördinator West van de Bond Nederlandse Architecten (BNA) en gastdocent bij masterproject ‘Studio Amsterdam’, faculty of architecture, TU Delft. Voorheen werkte hij onder andere bij architectenbureaus Koen van Velsen en MVRDV en was hij betrokken bij diverse onderzoeksprojecten, onder andere naar de ruimtelijke effecten van bevolkingskrimp. Klik hier voor meer informatie.

Deze weblog biedt een overzicht van Nederlandse architectuur en planning van de laatste 100 jaar. Het doel is het overbruggen van de kloof tussen hoe architecten en stedenbouwers enerzijds en het grote publiek anderzijds over de gebouwde omgeving praten en schrijven. Door architectuur vanuit de discipline voor een groot publiek te beschrijven, wordt bijgedragen aan een beter begrip over en weer en worden de architectuur- en stedenbouwpraktijk opnieuw als maatschappelijke disciplines gepositioneerd. Klik hier voor een uitgebreidere motivatie.

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s